In de rubriek 'Uit het Oog' spreekt Ajax Showtime met oud-Ajacieden die hun sporen tegenwoordig elders achterlaten. Uit het oog dus, maar niet uit het hart. In deel 49 Jeffrey Sarpong, die momenteel uitkomt voor FK Panevėžys. Als kleine jongen vroeg hij zich af hoe hij bij Ajax kon voetballen, hij kwam in contact met een televisieprogramma en belandde uiteindelijk in de jeugdopleiding van de Amsterdamse club. Het begin van de carrière van Jeffrey Sarpong klinkt als een jongensboek. ‘Ajax was mijn droomclub. Ze hadden het jaar daarvoor de
Champions League gewonnen, dus ik keek natuurlijk op tegen al die spelers:
Kluivert, Seedorf, Davids. Voor mij was het gewoon een droom om ook voor die
club te mogen spelen.’
Sarpong kwam als jong jochie in contact met het televisieprogramma 'Willem Wever'. Hij ging samen met presentator Jochem van Gelder naar Ajax. ‘We gingen gewoon
vragen hoe ik bij Ajax kon voetballen. Toen zeiden ze: je moet
aan talentendagen meedoen. Daar zouden ze dan kijken of ik talent had en of
ik goed genoeg was. Samen met Willem Wever ging ik mij inschrijven voor de
talentendagen.’ Sarpong werd uitgenodigd voor de dagen bij Ajax. ‘Ik zag natuurlijk al die trainers, ik zag ook veel talent. Voor
mij was het gewoon meedoen met trainingen en hopen dat ik geselecteerd werd. In
de tussentijd werd ik dan gefilmd door Willem Wever.’
Uiteindelijk werd de middenvelder aangenomen in de
jeugdopleiding van de Amsterdammers. Hij speelde zo’n tien jaar in de
Ajax-jeugd. ‘Wat ik geleerd heb, is dat je een winnaarsmentaliteit moet hebben.
Je bent bij Ajax, de beste club van Nederland, dus je groeit op met de
mentaliteit dat we moeten winnen. Je moet de beste zijn, verliezen is geen
optie. Dat is één ding, en natuurlijk het besef dat niet iedereen de kans heeft
en krijgt om bij Ajax te spelen. Dat je daar ook gebruik van moet maken en je
van je beste kant moet laten zien, gedisciplineerd moet zijn. De basis om het
te maken krijg je wel mee in de jeugd.’
Sarpong noemt het ook ‘een harde wereld’, want terwijl hij
de jeugdopleiding doorliep zag hij ieder jaar vrienden vertrekken, omdat ze
niet goed genoeg waren. ‘Het is natuurlijk hard, maar dat leer je gewoon al
vanaf zes of zeven jaar… In principe was ik niet zenuwachtig dat ik aan het
einde van een jaar weg zou moeten. Omdat je gedurende het seizoen ook een beetje aanvoelt van: oké, ik zit goed in het
team of ik heb een groot aandeel in het team. Gedurende het seizoen voel je
wel hoe je het zelf hebt gedaan. Ik had ook altijd zoiets van: zolang
ik mijn best doe, dan komt het altijd goed. Ik denk dat dat ook een stukje
druk wegneemt, zeker op die leeftijd. Dat je gewoon het veld opgaat met de mindset
van ik doe mijn best. Ik denk dat die twee dingen hebben geholpen om niet
angstig of bang te zijn aan het einde van het seizoen.’
‘Pas daarna besef je: ik heb gewoon in De Kuip gespeeld en m’n debuut gemaakt’
Van zijn debuut in Ajax 1 weet Sarpong alles nog. ‘Mijn debuut
was op 22 december 2005 tegen FC Eindhoven voor de beker. Ik viel in voor Charisteas
in de 75ste minuut. Dat is natuurlijk iets waar je heel lang naar
hebt uitgekeken. Ik speelde destijds met Nigel de Jong, Sneijder, Mitea, Galásek,
Pienaar en Trabelsi. Dat is toch een andere generatie, een ander soort type
spelers natuurlijk. Ik was echt een jonge jongen onder die spelers. Het was een
mooi moment, dat zeker.’
Op 5 februari 2006 maakte hij zijn competitiedebuut tijdens
De Klassieker in De Kuip. ‘Ik voelde wel dat het niet dezelfde wedstrijd was
als tegen FC Eindhoven, haha. Voor de wedstrijd voel je wel die druk en
spanning, maar binnen het veld is het wel gelijk weg. Zodra
je in het veld staat en het spel gaat verder, dan speel je gewoon je eigen
spel. Pas daarna besef je: ik heb gewoon in De Kuip gespeeld en m’n
debuut gemaakt. We verloren helaas (3-2), maar het was wel een
mooi moment.’
Jeffrey Sarpong, samen met Pierre van Hooijdonk, tijdens zijn competitiedebuut tegen Feyenoord op 5 februari 2006. ‘Voor de wedstrijd voel je wel die druk en spanning, maar binnen het veld is het wel gelijk weg.’
‘Dan wil
je natuurlijk spelen en ga je kijken naar oplossingen’
In december 2009 werd Sarpong door Ajax verhuurd aan NEC
Nijmegen. Onder toenmalig hoofdtrainer
Martin Jol kreeg de middenvelder veel
minder speeltijd. ‘Dan wil je natuurlijk spelen en ga je kijken naar
oplossingen, wat het beste zou zijn voor zowel mezelf als voor Ajax. Ik heb de club en Martin aangegeven dat ik aan speeltijd toe was om me verder te ontwikkelen. Van augustus tot december
deed ik mee met Jong Ajax, dus dat was voor mij wel het moment om verder te
kijken. Je wilt toch je wedstrijden blijven pakken in de Eredivisie.’
De Nijmegenaren hadden een optie tot koop bedongen, maar
lichtten deze optie niet. Sarpong zag dat niet als een klap. ‘Ik wist dat ik
voor een halfjaar gehuurd werd en dat ik nog een contract had bij Ajax. Het was
inderdaad een optie, maar ook een optie van beide kanten. Of ze het wel of niet
zouden lichten, zou ik toch de tijd nemen om er goed over na te denken, omdat
er ook andere clubs geïnteresseerd waren.’
Sarpong keerde terug naar Ajax en speelde in totaal 31
wedstrijden in de hoofdmacht. Hij ziet zijn eerste doelpunt, tegen Feyenoord in
september 2008, als het hoogtepunt uit zijn Ajax-tijd. ‘Ik denk sowieso dat ik kan
kijken naar de ervaringen die ik heb meegemaakt bij Ajax, en dat heb ik mee kunnen nemen in de rest van mijn loopbaan. De ervaring op zich zie ik als een
hoogtepunt. Maar als ik één ding zou moeten kiezen, zou ik mijn eerste doelpunt
zeggen. Dat blijft een hoogtepunt.’
‘Merkte dat ik een huurling was en geen vast contract had bij de club’
In augustus 2010 deed Sarpong de Ajax-deur dicht en tekende
hij een contract bij het Spaanse
Real Sociedad. ‘Het was mijn eerste keer in het
buitenland. Het is daar heel ander weer, er is een andere taal en een andere cultuur.
Ik moet zeggen dat ik destijds heel goed werd opgevangen door de spelers. Met
de meesten heb ik nog steeds een goede band. Ze waren ook op m’n bruiloft. Ik
werd goed opgevangen, wat het natuurlijk ook makkelijker maakt om je thuis te
voelen en je op je gemak te voelen.’
In de tussentijd werd hij als speler van Real Sociedad ook
verhuurd aan
NAC Breda en Hércules CF. Opnieuw was het krijgen van speeltijd
het doel van die verhuurperiodes. ‘Bij Hércules speelde ik natuurlijk een
niveau lager, in de Segunda División. Ik merkte wel een groot verschil in
niveau, maar ik merkte ook dat ik een huurling was en geen vast contract
had bij de club.’ De oud-Ajacied vertelt dat hij dat merkte in de manier hoe hij benaderd werd. ‘Je móét winnen, in
de eerste twee/drie wedstrijden móét je presteren. Anders ben je voor niets gehuurd.
Het was niet zo dat je gewoon werd gebracht of de
tijd kreeg om aan te passen, zoals de rest van de spelers. Als de resultaten niet goed zijn, dan kijken ze
eerst naar de huurlingen en dan pas naar de rest.’
Na een halfjaar bij Hércules CF keerde Sarpong weer terug
naar Real Sociedad. Daar werd zijn contract per 1 januari 2013 in goed
overleg ontbonden. ‘Ik gaf aan: wat is mijn perspectief hier? De
coach bleef, dus vraag je je toch af wat het perspectief is. Dat
perspectief was niet veranderd, dus dan ga je nadenken wat het beste is om te
doen. Uiteindelijk hebben we veel gesproken en de keuze gemaakt om onze wegen
te laten scheiden.’
Avontuur in Nieuw-Zeeland: ‘Het was
in eerste instantie niet wat ik voor ogen had’
Sarpong koos ervoor om terug te keren naar Nederland. Hij koos
voor een oude bekende en tekende een contract bij NAC Breda. ‘Het was anders
dan de eerste periode, toen was ik daar zes maanden als huurling. Tijdens mijn
tweede periode was ik gewoon een vaste speler en ook een van de belangrijkere
spelers. Daardoor heb je natuurlijk een andere rol. Dat was ook wat ik in die
periode nodig had, om gewoon een rol te hebben binnen het team en op die manier
veel wedstrijden te kunnen spelen. Dat was in dat opzicht fijn, dat ik gewoon
week in week uit mijn wedstrijden kon spelen.’
Jeffrey Sarpong vecht als speler van NAC Breda een duel uit met Ajacied Joël Veltman. 'Tijdens mijn tweede periode was ik gewoon een vaste speler en ook een van de belangrijkere spelers', vertelt Sarpong over zijn tijd in Breda.
Na de degradatie in 2015 vertrok Sarpong bij NAC Breda,
omdat hij - zoals hij eerlijk toegeeft - ‘niet in de Jupiler League wilde spelen’. Hij
vertrok letterlijk naar de andere kant van de wereld, want Wellington Phoenix FC
uit Nieuw-Zeeland was zijn nieuwe club. ‘Daar zat een goede vriend van
mij, Roly Bonevacia. Hij speelde daar en gaf aan dat de coach mij er graag
bij wilde hebben. Hij had ook dezelfde agent als ik, dus vanuit die hoek
kwam natuurlijk ook de belangstelling van: ze willen je echt graag hebben.’
Toch was het avontuur in Nieuw-Zeeland niet het eerste dat
de oud-Ajacied voor ogen had. ‘Alleen ben je in augustus dan aan het wachten,
kijken en oriënteren. Toen was voor mij doorslaggevend dat ik ergens naartoe
kon gaan waar ik echt graag gewild was. Het was in eerste instantie niet wat ik
voor ogen had, maar uiteindelijk heb ik het wel gedaan, omdat ik als een
belangrijke speler gehaald zou worden en dat ik heel erg graag gewild was door
de coach.’
‘Mijn
zaakwaarnemer hield mij eigenlijk aan het lijntje’
Tussen 2016 en 2019 speelde Sarpong voor PAE Veria
(Griekenland), Elazığspor (Turkije) en Skoda Xanthi (Griekenland). Vanaf juli
2019 tot februari 2021 was de middenvelder bijna twee jaar clubloos. ‘Ik kwam
uit Xanthi en werkte met een agent die duidelijk aangaf dat er interesse was
vanuit het Midden-Oosten. In de tussentijd was er ook vanuit andere clubs
belangstelling, maar ik wachtte op de optie vanuit het Midden-Oosten, van die agent met wie ik werkte. Achteraf bleek het niet waar te zijn. Hij (de zaakwaarnemer, red.) hield
mij eigenlijk aan het lijntje.’
Daarna kwam de coronacrisis die ervoor zorgde dat alles
langer duurde. ‘Zo kwam het eigenlijk tot stand dat je dan een gat hebt en dat
je daarna helemaal opnieuw moet beginnen, omdat je er een lange tijd uit bent
geweest. Maar ik ben altijd hard blijven trainen. Ik was voor mijn gevoel ook
nog niet klaar. Ik voelde me fit, sterk en goed, dus in die twee jaar ben ik
blijven trainen. Uiteindelijk ben ik teruggekomen in de game. Het was
niet zo dat ik twee jaar thuiszat, omdat ik er klaar mee was.’
Dat Sarpong in de maling werd genomen door zijn
zaakwaarnemer zorgde wel voor een besefmoment. ‘Toen dacht ik wel: oké, nu
wordt het heel lastig. Maar ik had altijd wel zoiets van het komt wel goed.
Alleen ik wist niet hoe, wanneer en waar, omdat je natuurlijk niet meer de
jongste bent en een aantal maanden niet had gespeeld. Ik kreeg natuurlijk
vaak te horen: Dit wordt heel lastig, het gaat niet lukken. Als je al
die dingen hoort, draagt dat niet bij aan hoe makkelijk het wordt. Alleen was
ik voor mijn gevoel niet klaar. Ik bleef gewoon doorgaan en wachtte totdat er
iets op m’n pad zou komen.’
‘Mijn
kinderen vroegen altijd: papa, wanneer zie ik je weer op tv?’
In februari 2021 kwam er iets op het pad van Sarpong,
namelijk FK Panevėžys uit Litouwen, waar hij nog altijd actief is. ‘Ik doe wat
ik leuk vind en dat is voetballen. Mijn kinderen vroegen altijd: papa,
wanneer zie ik je weer op tv? Nu kunnen ze me elke week weer zien. Ik
geniet daarvan en ik geniet weer van het spelletje. Het is natuurlijk niet de
grootste competitie van de wereld, maar ik speel weer na lange tijd. Ik speel
alles, ik voel me sterk en fit. We spelen om het kampioenschap, om in Europa
mee te gaan doen in de voorrondes. Je speelt wel ergens voor en dat is iets
waar ik van geniet. Op deze leeftijd is het natuurlijk heel anders dan toen ik
zestien was.’
Hoe ouder Sarpong wordt, hoe belangrijker plezier in het
voetbal wordt, vertelt hij. ‘Natuurlijk gemixt met perspectief en met doelen.
Ik denk dat je dat altijd moet hebben, ook in het plezier moet je doelen
stellen. Je moet voor iets voetballen of spelen. Maar ik denk dat plezier wel een
belangrijke factor is.’
De middenvelder probeert het plezier te behouden, maar dat
is niet altijd makkelijk geweest. ‘Met ervaringen wordt het soms minder, omdat je ook
ziet wat er aan de andere kant gebeurt. Je ziet natuurlijk ook de negatieve
kanten van het vak. Dat kan ook je plezier naar beneden halen. Je probeert het
er wel in te houden, maar wanneer je jonger bent is het misschien lastiger om
daarmee om te gaan, met teleurstellingen en politieke dingen. Als je wat ouder
bent, dan kun je daar wat beter mee omgaan denk ik.’
‘Ik wil mensen blijven inspireren via verschillende platformen’
Sarpong is inmiddels 33 jaar en daarmee ligt het
grootste deel van zijn voetballende leven achter hem. Hij denkt dan ook al na over het leven na zijn profcarrière. ‘Ik zie mezelf niet als een trainer of
iets dergelijks, haha. Ik denk dat je als trainer andere eigenschappen moet
hebben dan ik heb. Op dit moment zie ik dat niet gebeuren, maar you never know.
Ik wil in de toekomst iets blijven doen in de voetballerij, maar ik weet nog
niet wat.’
De oud-Ajacied vertelt dat hij zich daarnaast vooral bezig
gaat houden met zijn bedrijven. ‘En één ding wat ik ook graag wil doen is
mensen blijven inspireren via verschillende platformen. Onder andere via
RealTalkJeffa en
Ballers In God. Inspiratie is natuurlijk een breed woord. Als
voetballer zijn we heel erg gefixeerd op het voetbalaspect, maar we zijn ook
gewoon mensen. We zijn ook
human beings, die gewoon door dingen heen
gaan en die ook situaties meemaken.’
‘Ik wil op voetbalgebied en persoonlijk gebied mensen gewoon
wat positiviteit brengen’, vervolgt Sarpong. ‘Dingen vanuit een ander
perspectief bekijken dan het negatieve. Gewoon wat meer licht, wat meer
positiviteit, motivatie meegeven aan jongeren en ouderen. Misschien een andere
kijk dan wat we vaak meekrijgen of meemaken. Om een situatie toch vanuit een
positievere kant te kunnen bekijken.’
Niels Opdam (email:
[email protected])