Pot ziet afstand tussen Ajax en de media groter worden: 'Kantjes vol aanvragen van vage blogs en websites'

door Bas Velzel 136

Bron Ajax Showtime

Pot ziet afstand tussen Ajax en de media groter worden: 'Kantjes vol aanvragen van vage blogs en websites'

door Bas Velzel 136

Bron Ajax Showtime

Laatst geüpdatet

Menno Pot ziet dat de kloof tussen Ajax en de traditionele media steeds groter wordt. Iets wat volgens hem spijtig, maar ook heel begrijpelijk is. Volgens de columnist en Ajax-boekenschrijver moesten de Amsterdammers wel tegen de steeds grotere aandacht ingaan.

Vanwege de Europese successen van Ajax in de afgelopen jaren is de aandacht voor de club ontzettend gegroeid. Door al die groeiende aandacht is er ook vanuit de buitenlandse pers veel meer interesse rondom Ajax. Er is altijd wel aandacht geweest vanuit de (buitenlandse) media voor Ajax, maar dat was niet zo groot als nu. Op Instagram heeft Ajax 7 miljoen volgers, op Twitter 1,5 miljoen volgers en op TikTok 5,5 miljoen. Daarmee staat Ajax in de top twintig van grootste voetbalclubs op het platform TikTok.

Wekelijks zijn er interviews met spelers, oud-Ajacieden en analisten te lezen die iets over de club te zeggen hebben. Toch wordt Ajax vaak als een kille club gezien. Zo zou de club zelf niet graag naar de media toestappen, zouden ze niet transparant genoeg zijn en zou de club vooral aan zichzelf denken. Heeft het 'warme' Ajax van vroeger echt plaats gemaakt voor het koude kille Ajax?

De band tussen Ajax en de media vroeger

Pot legt uit dat er in vroegere jaren meer ingangen waren voor journalisten bij Ajax, zeker voor de komst van het internet. 'Het was toen allemaal nog kleinschalig. Het was een tijd waarin het internet nog niet bestond. Er was eigenlijk een klein groepje journalisten dat over Ajax schreef en het was tegen het knusse aan', aldus Pot. De journalisten die rond de club hingen kregen alle ruimte van de Amsterdamse club. 'Ze mochten doen wat ze wilden en konden ook iedere speler te spreken krijgen. Er was een tamelijk collegiale en warme band.'

'Je kon als cameraploeg in die tijd bij wijze van spreken na een wedstrijd bijna de kleedkamer inlopen. Je mocht ook gewoon rond het trainingsveld staan en filmen. Na de training mocht je de spelers dan aanspreken.' Pot vertelt dat in die tijd iedereen ook rekening met elkaar hield. 'Er was een soort fatsoensbeleid daarin en Ajax vond dat ook prima. In die tijd kon het hele mediabeleid ook in de handen van één man zijn (David Endt, red.).'

Een voorbeeld van de ruimte die de journalisten kregen, kwam naar voren toen Ajax in Tokyo speelde voor de wereldbeker voor clubs. 'Stadszender AT5 mocht overal mee naartoe in die tijd. In Tokyo zaten ze zelfs in hetzelfde hotel. Er zijn beelden dat AT5 in de lift staat met Clarence Seedorf en Edgar Davids en dat ze gewoon een beetje aan het geinen zijn. Er zat toen geen enkele controle of rem op.'

Ajax had geen keuze

Dat beeld is nu wel anders. Waar journalisten vroeger spelers na afloop van een training gewoon konden aanspreken voor wat vragen, mogen nu alleen nog de NOS, ESPN en Ajax zelf bijvoorbeeld interviews houden met de spelers na afloop van een wedstrijd. De rest van de media moest het sinds het begin van de coronapandemie doen met de persconferenties en interviews op afspraak. Na de pandemie besloot Ajax om dit beleid in stand te houden. Pot begrijpt deze verandering bij de club maar al te goed en kan ook aanwijzen waarom Ajax deze keuze moest maken.

'Je merkte dat met de komst van internet het beeld aan het veranderen was. Journalisten moesten een accreditatie krijgen om te mogen filmen op de trainingen en voor het doen van interviews. Dat kwam omdat Ajax toen begon te verzuipen met aanvragen van web- en fansites met de vraag of ze op de perstribune mochten zitten. Al die kleine websites stampten uit de grond. Het was een ongelooflijke wildgroei.'

'Ze wilden allemaal iemand op de perstribune hebben voor hun site, krant of videokanaal. Terwijl dat eigenlijk helemaal niet nodig was. Miel Brinkhuis (huidige perschef van Ajax, red.) heeft mij weleens een lijst met aanvragen laten zien van een "gewone" wedstrijd tegen een club als Willem II. Dat waren kantjes vol met vage blogs en websites. Ajax moest vanaf het moment dat die aanvragen ontploften wel een beleid daarin gaan voeren. Dat werd door veel journalisten als onsympathiek en kil ervaren, maar het was gewoon onmogelijk om het anders te doen.'

Alleen de grote media

Het beleid dat Ajax vanaf dat moment doorvoerde was dat er onderscheid werd gemaakt tussen de grote nationale en buitenlandse media enerzijds en de kleinere tv-stations, blogs en fansites anderzijds. 'Die laatste groep moet uitleggen wat ze komen doen bij Ajax en waarom ze op de tribune willen zitten. Ajax kiest dan of dat zin heeft', aldus Pot.

Wel vindt Pot het 'betreurenswaardig' dat alleen Ajax zelf, de NOS en ESPN na afloop van een wedstrijd nog interviews doen met de spelers. 'De toegang tot de spelers wordt nu eigenlijk beperkt tot de eigen kanalen en de tv-rechtenhouders. De onafhankelijke pers staat buitenspel. Spelers één-op-één te spreken krijgen is bijna niet meer mogelijk. En dat is een trend die je op het moment in het hele voetbal ziet.'

Toch begrijpt de Ajax-kenner deze ontwikkeling wel. 'De trend die ik schetste van de begintijd van social media heeft zich doorontwikkeld. Het is sinds die tijd alleen maar veel gekker geworden. Ik snap dat ze de spelers niet meer overal voor beschikbaar kunnen stellen. Het is echter wel een delicate grens en een delicate balans, het zou jammer zijn als dat volledig doorslaat.'

Verandering in de voetbalwereld

Voor Ajax is ook de verandering in de voetbalwereld een belangrijke reden om het beleid aan te passen. 'De wereld is voor spelers heel anders geworden. Vroeger kon je als speler met een sigaretje en een blikje bier in de kleedkamer zitten. Een speler van nu kan dat absoluut niet meer. Er is zo veel aandacht gekomen voor voetbal in de media', weet Pot.

'Er worden nu ontzettend veel uren en pagina’s gevuld met voetbal. Alles wat een speler zegt kan nu uitvergroot worden.' Volgens Pot is het daarom ook in zekere zin een beetje de schuld van de media dat het zo ver is gekomen. 'Het is een wisselwerking tussen de club en de media. Als je nu kijkt naar twintig of dertig jaar geleden dan werd er na een wedstrijd maar één stukje geschreven in de krant: een wedstrijdverslag. Nu is dat een pagina met een wedstrijdverslag, achtergrondanalyse en een kader met interviews. Er worden aan negentig minuten voetbal veel meer woorden vuil gemaakt dan dertig jaar geleden. Dat betekent dat je er ook voorzichtiger mee om moet gaan als speler.' Wat ook nog meetelt, is dat het programma voor een speler een stuk drukker is geworden. Vooral in vergelijking met het programma van de vorige eeuw. Daardoor hebben spelers veel minder tijd voor andere dingen, zoals interviews.

Daarnaast had Ajax onder Van der Sar en Overmars rondom het aantrekken van Tadic en Blind de ambitie uitgesproken om structureel aansluiting te willen vinden bij de internationale top. Daar was en is geld voor nodig. In Nederland lijkt omzetgroei, met het huidige tv-contract, de bestaande grote sponsorovereenkomsten en de altijd uitverkochte stadions een stuk moeilijker dan buiten de grenzen. Het mediabeleid kreeg om die reden ook een meer internationaal karakter.

De UEFA-ranking als maatstaf

Zoals Pot eerder al zei: het is een trend in de voetbalwereld dat clubs steeds minder toegankelijk worden naar de buitenwereld toe. 'Het geldt voor de meeste grote clubs in Europa. Ajax is dan zelfs nog heilig als je het gaat vergelijken met clubs in Engeland en Spanje. De mate waar de onafhankelijke pers nog toegang heeft tot de club weerhoudt zich een beetje tot de UEFA-ranking. Aan de top is het het moeilijkste, en naarmate je naar beneden gaat, wordt het makkelijker. Sinds Ajax op de lijst gestegen is, is het alleen maar moeilijker geworden.'

En aan die UEFA-ranking ligt het volgens Pot ook of deze ontwikkeling zich bij Ajax gaat doorzetten. 'Het gaat afhangen van hoe goed de club gaat presteren de komende jaren. Stel dat het na deze zomer flink bergafwaarts gaat met Ajax en ze weer een marginale speler in Europa worden, zoals voor 2016, dan neemt natuurlijk ook de internationale belangstelling af en dan ontstaat er misschien weer wat meer ademruimte voor de Nederlandse pers. Als Ajax dit hoge niveau vast weet te houden en in de top twintig van Europa blijft opereren, dan blijft de internationale belangstelling ook groot en zullen de journalisten genoegen moeten nemen met kleinere brokjes Ajax.'

Bas Velzel (Twitter: @BasVelzel | e-mail: b.velzel@ajaxshowtime.com)

Lees meer over:
Plaats reactie
Laad meer reacties