Ajax deelde deze zomer een recordaantal profcontracten uit aan de jeugd. Onder het feestelijke nieuws zit een rekensom: wat die discipline daadwerkelijk kost, wie precies wat verdient en waarom vastleggen op zichzelf nog geen verdienmodel is. Deze editie van Diepe Zakken rekent door wat de jongste lichting extra contracten betekent en waarom de winst pas in de jaren daarna moet worden verzilverd.
De rekensom achter het plafond
'We gaan komende week over de twintig gevallen van jongens die dit kalenderjaar hun eerste contract tekenen', zegt Bram Bark, jeugdwatcher van Ajax Showtime. 'Dat zit met twaalf bijna tegen het dubbele aan ten opzichte van 2025 en in 2024 waren dat er dertien.' Die twintig zijn niet het totale aantal lopende jeugdcontracten bij Ajax, maar de aanwas van dit kalenderjaar alleen. Wat daaruit te berekenen is, is wat die twintig nieuwe namen extra aan loonlast toevoegen.
Over de precieze hoogte van die instapsalarissen is Bark voorzichtiger. Hij schat de bandbreedte op vijf- tot achtduizend euro bruto per maand voor een eerste handtekening, maar plaatst daar zelf de kanttekening bij dat het een indicatie is en geen hard cijfer uit de boeken.
Op jaarbasis komt die schatting uit op 60.000 tot 96.000 euro. Voor het uitzonderlijke toptalent kan dat oplopen tot iets boven de 100.000 euro. Bedragen van 150.000 euro of meer horen volgens Bark in de praktijk bij een andere categorie, namelijk Jong Ajax-spelers, niet bij de jeugdopleiding.
Reken de twintig nieuwe contracten door tegen het gemiddelde van de reguliere bandbreedte, zeg 75.000 tot 80.000 euro per jaar, en de extra loonlast van deze jaargang komt uit op ruim 1,5 miljoen euro bovenop wat er al liep. Met de kanttekening dat ook dit een berekening op basis van een schatting is, geen vaststaand cijfer.
Tekst gaat verder onder de foto.
Zet dat af tegen een basisspeler in de hoofdmacht. Een grove benadering: de totale loonsom van de A-selectie (rond de 55 miljoen euro) gedeeld door de omvang van de kern (doorgaans tussen de 25 en 30 spelers) komt uit op een gemiddeld jaarsalaris in de orde van 2 miljoen euro.
Ook dat is een schatting op basis van omvang en kernbreedte. Het is geen cijfer rechtstreeks uit de jaarrekening, maar bruikbaar genoeg om de verhouding te tonen. Op die basis kost de volledige aanwas van twintig jeugdcontracten de club ongeveer driekwart van wat één basisspeler in het eerste kost.
Ter referentie, denk terug aan Rayane Bounida. Hij verdiende naar verluidt al zo'n 500.000 euro per jaar toen hij rond 2024 moest verlengen. Wat zijn salaris daarna is geworden, is niet bekend, maar dat zo'n bedrag toen op tafel kon liggen, zegt genoeg over hoe hard de koers is omgegooid.
Martim Ribeiro, Portugees en dus gewoon EU, is een actueler voorbeeld van diezelfde discipline. Zijn onderhandelingen liepen stuk, omdat zijn kant meer vroeg dan het plafond toestond. Ajax weigerde een uitzondering te maken.
Van bewezen parels naar buitenkansjes
De filosofie achter het model wordt toegeschreven aan Marijn Beuker: bewezen parels zijn niet meer te betalen, zeker niet in Nederland, dus wordt er in de jeugdopleiding juist gezocht naar buitenkansjes. Talenten goedkoop oppikken en doorontwikkelen.
Beuker vertrok per 1 juli bij Ajax. Het plafond staat er nog, maar de vraag wie het bewaakt, ligt inmiddels elders. Jordi Cruijff heeft zich ontfermd over Jong Ajax en gaf al eerder aan dat het niveau en de prestaties van die ploeg omhoog moesten. Dat is inmiddels zichtbaar in de aanwas: Fouad Zahouani en Jano Monserrate kwamen binnen op een schaal die met Beukers buitenkansjes weinig te maken heeft.
En deze strategie kan ook aangehouden worden tegen de technische staf: Cruijff stelde met Carlos García, de assistent van voorganger Óscar García, meteen een eigen trainer en iemand uit zijn eigen netwerk aan. Geen doorgeschoven talent uit de eigen jeugdopleiding. Ook hier een andere aanpak dan vroeg binnenhalen en intern ontwikkelen, de manier waarop de jeugdopleiding tot dusver werd gevuld.
Waar het plafond breekt: spelers buiten de EU
Zelfs een buitenkansje moet aan één harde voorwaarde voldoen: internationale transfers zijn volgens FIFA-artikel 19 alleen toegestaan vanaf 18 jaar. Voor 16- tot 18-jarigen bestaat een uitzondering, maar die geldt uitsluitend binnen de EU/EEA.
Even ging het in het geruchtencircuit over interesse van Ajax in Gilberto Mora (Mexicaans, 17 jaar, gecontracteerd bij Tijuana tot 2028). Hij valt daar dus buiten: voor hem is een transfer naar Ajax op dit moment niet mogelijk, ongeacht het salaris of hoeveel Ajax (of welke club dan ook) ook biedt als transfersom. Een categorische blokkade, geen onderhandeling.
Waarom clubs als Chelsea dan toch al spelers vóór hun achttien levensjaar kunnen 'vastleggen'? Geen formele transfer, maar een informele, niet-bindende principeafspraak, die pas bij de achttiende verjaardag wordt geformaliseerd. Het is een parkeerplaats voor de regel, geen omzeiling ervan.
Vanaf de achttiende verjaardag geldt voor niet-EU-spelers vervolgens een wettelijk minimumsalaris (circa 300.000 euro onder de 21 jaar, oplopend tot ruim 600.000 euro daarna), zoals te zien is bij de twintigjarige Zahouani.
Wat er per 1 januari 2027 verandert
Vanaf 1 januari 2027 gaat een nieuw FIFA-transfersysteem in dat ook de jeugd raakt, op twee punten. Ten eerste kan de maximale contractduur voor minderjarigen oplopen van drie naar vijf jaar, mits de speler al zo'n twintig maanden bij de club geregistreerd staat. Geen automatische verruiming voor iedereen die toevallig na die datum tekent. Er kunnen maximaal vijf van dit soort langere jeugdcontracten worden uitgedeeld.
Ten tweede krijgen spelers die onder een salarisdrempel van 150.000 euro zitten bij een latere transfer recht op 5 procent van de transfersom, te betalen door de verkopende club uit de eigen opbrengst. Voor Ajax betekent dat: de goedkope instapcontracten van de jeugdopleiding blijven ruim onder die drempel, maar precies de duurdere Jong Ajax-schaal waar Cruijff nu op inzet, leunt er tegenaan.
Sean Steur: zijstraatje ter context
Sean Steur (18 jaar, geboren 11 januari 2008) speelt, in tegenstelling tot iedereen anders in dit stuk, al voor Ajax 1. Hij verlengde in augustus 2025 tot medio 2028. Een verdere verlenging tot 2030 leek eind vorig jaar dichtbij, maar het is al maanden stil. Zijn vader, nauw betrokken bij contracten van zijn zoon(s), staat bekend als iemand die het maximale wil binnenhalen.
Tekst gaat verder onder de foto.
Puur ter context: waar andere achttienjarigen in dit stuk tussen de 100.000 en 300.000 euro zitten, ligt een Ajax 1-salaris in de orde van 1 tot 2 miljoen euro. Steur laat zien dat zodra een talent daadwerkelijk doorbreekt, het jeugdplafond geen enkele rol meer speelt. De onderhandeling verhuist dan naar een heel andere orde van grootte en wordt dus ook ingewikkelder.
Discipline als toegangsprijs
Het plafond heeft dus niet zozeer besparen als doel op zich, maar tijd kopen: voor een instapsalaris van 60.000 tot 96.000 euro koopt Ajax zich potentieel jaren zeggenschap over een speler in. Ribeiro liep stuk op die discipline en Fejokwu en Mora op een categorische leeftijdsgrens waar geen bedrag iets aan verandert. Bounida-bedragen zouden verleden tijd zijn.
De vele talenten vormen de toekomst van Ajax, sportief en ook financieel. Het bedrijfsmodel vraagt jaarlijks om forse verkopen en eigen jeugd is daar het meest geschikt voor. Ondertussen wordt de drempel naar Jong Ajax en Ajax 1 wel verhoogd en staan er enkele vacatures open in de staf en het management van de jeugdopleiding. De focus ligt op Ajax 1, maar de basis voor de langere termijn staat klaar om mee aan de slag te gaan. Nog een klus op het bord van Jordi Cruijff.







































Plaats reactie