Owen Wijndal heeft het uitstekend naar
zijn zin bij Royal Antwerp. De aankoop van de zomer van 2022 werd na zijn
debuutseizoen bij Ajax verhuurd aan de regerend landskampioen van België en bij
onze zuiderburen - waar hij basisspeler is - schuurt hij weer tegen zijn
topniveau aan. Dat goede gevoel hoopt hij in de zomer mee te nemen naar Ajax,
want zijn doel is nog altijd om te slagen in Amsterdam. Ajax Showtime
reisde af naar de Bosuil in Antwerpen voor een gesprek met een openhartige en
enthousiaste Wijndal. Het is een zachte, toch winderige
februaridag als wij ons melden bij het huidige onderkomen van Wijndal. De
entree van het stadion van Royal Antwerp is met zijn witte marmeren vloer,
pilaren en gouden kroonluchter prachtig. Wie niet beter zou weten, zou denken
dat hij of zij een chic hotel binnenwandelt. We nemen plaats in de zaal van de
Diamond Club, waar wij Wijndal - die eerder die dag al heeft getraind -
ontmoeten voor een gesprek over zijn tijd bij Royal Antwerp en zijn periode bij
Ajax.
Het gaat goed met Wijndal, zo vertelt hij.
‘Ik heb het heel erg naar mijn zin’, begint hij enthousiast. ‘We hebben een
leuke groep, een leuke staf en het gaat ook goed. Ik heb het hartstikke naar
mijn zin en Antwerpen is ook een leuke stad. Ik woon zelf midden in het
centrum, echt een leuke plek. Het is net Amsterdam, maar dan kleiner. Heel vaak
ga ik de stad niet in. Ik ben vaak thuis. In Nederland deed ik ook geen hele
andere dingen. Af en toe eet ik wat met jongens uit het team of we komen bij
elkaar thuis. Zelf ben ik veel thuis en rust ik lekker uit.’
Wijndal komt ook nog geregeld in
Nederland. Het is slechts anderhalf uur rijden naar zijn woonplaats, zo vertelt
hij. ‘En ik zie die jongens van Ajax af en toe. Laatst was ik nog met een groep
met Stevie (Bergwijn, red.), Brian Brobbey, Kenneth Taylor, Jurriën Timber en
Devyne Rensch. Met Brian en Kenneth heb ik echt dagelijks contact. En met
Stevie, Jur, en Devyne hebben we een groepsapp. Calvin Bassey zit ook nog in
die groepsapp. Ik heb ook veel contact met Hato, dus ik spreek die jongens nog
heel veel.’
Bij Royal Antwerp speelt Wijndal samen met
oud-Ajacieden als
Toby Alderweireld en
Jurgen Ekkelenkamp. Bovendien spreken
veel spelers en stafleden bij de Belgische club de Nederlandse taal. ‘Je bent
in het buitenland, maar ook niet echt, snap je? Je bent ook zo weer thuis’,
zegt de verhuurde linksback, die geniet van het samenspelen met Alderweireld.
‘Hij is echt een leider, een legend van deze club. Hij is wat ouder, maar je
ziet dat hij nog steeds een hele goede speler is. Of hij bij Ajax nog mee zou kunnen?
Qua niveau denk ik wel. Als hij het hier kan laten zien, dan kan dat ook bij
Ajax. We hebben dit seizoen ook veel doordeweekse wedstrijden en die speelt hij
ook allemaal. Hij won ook de Gouden Schoen, dus ik denk zeker dat hij nog mee
kan bij Ajax.’
Goede vorm keert terug
bij Royal Antwerp
Bij Antwerp ben je nu basisspeler, terwijl
je vorig seizoen bij Ajax dan wel en dan weer niet in de basis stond. Nu heb je
dat ritme wel. Merk je dat je er daardoor lekkerder inkomt?
‘Ja, zeker. Helemaal als je met het team
in een flow zit en dat je veel wedstrijden achter elkaar wint. Dan gaat het
steeds lekkerder, krijg je meer vertrouwen en krijg je meer automatismen. Dat
is moeilijker als je dan wel en dan weer niet speelt. Je merkt gewoon dat het
nu veel makkelijker gaat, je bent veel fitter.’
Was het lastig dat Ajax sinds de zomer van
2022 enorm zoekende is en ook nog eens geregeld van trainer wisselt?
‘Zeker. Onder Alfred (Schreuder, red.)
begon ik als basisspeler. Na mijn blessure begon ik logischerwijs op de bank,
omdat ik terugkwam van een lange blessure. Daarna stond ik weer een tijdje
basis en toen was ik weer wissel. Na Alfred kwam Heitinga en toen speelde ik
een tijdje. Toen zat ik kort op de bank, speelde ik weer en toen kwam Steijn.
Onder hem zat ik op de bank, speelde ik en zat ik weer op de bank. Toen ben ik
naar Antwerp gegaan. Dat gewissel de hele tijd is niet lekker, natuurlijk.’
Welk perspectief werd jou in de afgelopen
zomer nog geboden bij Ajax?
‘Je hebt zelf in je hoofd wel wat er gaat
gebeuren bij Ajax. Ik wilde natuurlijk spelen bij Ajax. Dat was mijn eerste
intentie. Toen haalde Ajax Ávila op bij Antwerp. Het is ook niet erg als er
concurrentie komt. Die wil ik echt wel aangaan. Ik wilde blijven en laten zien
dat ik in de basis hoor. Op de laatste dag van de transferperiode kwam er
echter nog een linksback. Sosa kwam van Stuttgart. Toen dacht ik van: had
mij dat even gezegd. Ik weet ook wel dat dat niet verplicht is, maar als je
elkaar haast iedere dag ziet, kon je wel zeggen: Owen, we zijn bezig om nog
een linksback te halen, het is misschien handig als je verder kijkt. Dat
zou ik wel hebben gewaardeerd, maar zo is het niet helemaal gegaan.’
Verwijt je toenmalig directeur
voetbalzaken Sven Mislintat dan wat? ‘Het enige waar ik teleurgesteld in was,
was dat ze op de laatste dag nog iemand haalde en dat dat niet werd
gecommuniceerd. Ik zag Sven denk ik drie of vier keer per week. Stel dat jij
bij een bedrijf werkt en je ziet je baas meerdere keren per week. Hij haalt
vervolgens iemand die hetzelfde werk doet als jij. Dan denk je al: hmm, oke.
En op de laatste dag voordat je een andere baan kunt zoeken, haalt je baas nog
iemand voor jouw functie. Op een gegeven moment hoef jij dan je baan niet meer
te doen, want die andere twee doen dat. Dan had je het toch gewoon kunnen
zeggen? Helemaal als je elkaar zo vaak ziet, lijkt me dat een kleine moeite. Ik
wilde nog steeds voor mijn kansen gaan, wil nog steeds slagen bij Ajax, want
het is voor mij nog altijd de mooiste en beste club, maar dat het zo liep, is
jammer. Al is het niet zo dat ik denk: dit is door Mislintat gekomen.’
Toenmalig trainer Maurice Steijn gaf in
een interview ook aan dat hij niet zo tevreden was over zijn linksbacks.
Daarmee doelde hij op jou en op Anass Salah-Eddine. Wat vond je daarvan? ‘Ik weet niet precies hoe het is gegaan.
Hij zei dat in de voorbereiding. Een dag later riep hij mij, want het stond
overal in de media. Hij gaf aan dat hij het niet zo had gezegd en dat het niet
zo bedoeld was. Het werd wat groter gemaakt dan hij toen zei.’
Merk je dat je zelf weer op een hoger
niveau speelt?
‘Dat merk ik wel. In de
Champions League
hebben we veel verloren, al wonnen we thuis van Barcelona. We haalden wel echt
een hoog niveau. We deden niet veel onder voor de andere ploegen, soms heb je
ook geluk nodig. Tegen Shakhtar stonden we 2-0 voor en verloren we met 3-2.
Tegen Porto hadden we een grote kans op de 1-1 en verloor je in de laatste
minuut met 2-0. Barcelona-uit was kansloos, maar thuis wonnen we daarvan. Het
zijn wedstrijden waar je veel van leert. Als ploeg hebben we goede wedstrijden
gespeeld.’
Denk je dat je momenteel wat meer in beeld
bent voor Oranje?
‘Ik heb wel het gevoel dat als je in
Nederland speelt, de kans iets groter is dat je wordt geselecteerd. Daar kijken
veel meer mensen naar en de Nederlandse media spelen er ook een grote rol in.
De bondscoach kijkt denk ik wel naar elke competitie waarin potentiële
Oranje-spelers spelen. Maar ik ben daar nu helemaal niet mee bezig. Ik wil nu
eerst hier goed presteren en daarna zie ik het wel.’
Waarom Wijndal bij Ajax
niet zijn AZ-niveau kon halen
Hoe verklaar je dat je bij Ajax niet het
AZ-niveau hebt kunnen halen? Sinds jouw komst bij Ajax in de zomer van 2022 is
het bij de club eigenlijk een grote chaos op meerdere niveaus en zijn de
prestaties minder. Ook een speler als Bergwijn heeft zijn beste niveau lang
niet altijd kunnen laten zien.
‘Je kan als individu niet goed draaien als
het team niet goed draait. Dan is het heel moeilijk om er bovenuit te steken.
Bergwijn is een van de beste voetballers waarmee ik heb gespeeld, individueel
gezien. Het heeft met het team te maken. Stel dat hij of ik in het seizoen
2018/19 zou zijn gekomen, in zo'n ingespeeld team, dan is het veel makkelijker
dan wanneer je in een heel nieuw team komt. Toen wij bij Ajax kwamen zijn er
veel jongens weggegaan en er kwamen ook veel nieuwe spelers, een nieuwe staf en
nieuwe directieleden. Het is anders. Alsnog moet je presteren als Ajax:
kampioen worden, de beker winnen en ver komen in de Champions League. Maar het
is allemaal wat ingewikkelder dan wanneer je in een ingespeeld team zou
spelen.’
Merkte je afgelopen seizoen ook onder de
ervaren jongens als Tadic dat het een lastig jaar zou gaan worden?
‘Een beetje. Alleen ik moet wel zeggen:
als we die thuiswedstrijd tegen Feyenoord hadden gewonnen, dan hadden we
bovenaan gestaan. We hebben alsnog een tijdje meegedaan voor de eerste plek.
Toen we die Klassieker verloren, kwam er een interlandperiode en daarna volgde
een gelijkspel bij Go Ahead. Daarna zakten we ver weg. In plaats van dat we op
doelsaldo bovenaan stonden, stonden we derde met acht punten achterstand. In de
groep merkte je dat het wat minder leuk was dan wanneer je bovenaan staat. We
hadden die wedstrijd tegen Feyenoord ook nog kunnen winnen, met de kans van
Kudus. Het lag zo dicht bij elkaar.’
‘Je hebt bij Ajax een
vast schema voor de gym en daar hield iedereen zich gewoon aan’
Tadic en Pasveer zeiden onlangs in een
interview dat spelers steeds minder vaak in het krachthonk te vinden zijn. Hoe
heb jij dat ervaren?
‘Minder. Pasveer en Tadic zijn wel twee mensen die dat heel erg doen, misschien
hebben zij het ook heel erg nodig. Sommige jongens hebben het minder nodig en
dat is ook logisch. Je hebt bij Ajax een vast schema wanneer je in de gym moet
zijn en wanneer niet. Daar hield iedereen zich gewoon aan. Maar ik kan me wel
vinden in wat zij zeggen over die extra dingen. Ik weet alleen niet hoe het in
de jaren ervoor ging. Ik heb geen vergelijkingsmateriaal. Zelf ben ik nu veel
met core bezig. Het verschilt per speler. Iedereen heeft een schema en je kunt
ervoor kiezen of je iets extra’s of wat anders doet. Stel je voor dat een
speler naar zijn eigen fysio gaat, ziet niemand dat. Dan ben je er wel mee
bezig, maar niemand weet het.’
Dankzij de interviews van Tadic en Pasveer
kwam het over alsof het bij Ajax minder professioneel was dan in de jaren
ervoor.
‘Ik vind het moeilijk om daarover te
oordelen, want ik was er in de voorgaande seizoenen niet. Of ik heb gemerkt dat
spelers de teugels lieten vieren? Nee, maar in een seizoen gebeuren er zoveel
dingen dat het vast wel een keer voorgekomen is. Als we kampioen waren
geworden, had je er ook niemand over gehoord. Zo werkt het ook in het voetbal.
Maar Pasveer en Tadic zijn heel ervaren jongens, dus als zij dat zo ervaren…’
‘Ben al van jongs af aan
fan van Ajax en ik wilde daar gewoon heel graag spelen’
Ben je al bezig met volgend seizoen?
‘Je bent er wel mee bezig, want je gaat
uiteindelijk terug naar Ajax. Het is voor mij moeilijk in te schatten hoe de
situatie is. Het is niet bekend wie de trainer is. Natuurlijk wil ik terug en
alles spelen, zodat ik kan laten zien wat ik kan. Dat wil ik graag bij Ajax en
daarom ben ik ook naar Ajax gegaan. Het kan ook zomaar anders lopen. Dat heb ik
niet volledig zelf in de hand. Hoe ziet Ajax het? En hoe zie ik het? Het hangt
van zoveel factoren af. Of een langer verblijf bij Royal Antwerp een optie is?
Ik denk dat dat wat lastiger is. Ik heb er nog niet over gesproken, maar het
zal moeilijk zijn om mij definitief te halen.’
Had je tijdens je periode bij AZ ook nog
voor andere clubs kunnen kiezen? ‘Ja, ik had wel andere opties. Maar dat is
nooit echt serieus geworden, want ik had alleen maar Ajax in mijn hoofd. Ik ben
van jongs af aan fan van Ajax en ik wilde daar gewoon heel graag spelen. Toen
ik merkte dat het definitief kon worden, ben ik daar vol voor gegaan. Ajax werd
erg concreet, dus ik wilde niet eens met andere clubs praten. Ik wilde gewoon
naar Ajax. Dat is toch de mooiste club, hè?’
Hoe heb jij naar Ajax gekeken tijdens de
afgelopen maanden?
‘Het is moeilijk, maar ik kreeg wel alles
mee. Ik spreek nog veel jongens en heb iedere wedstrijd gekeken wanneer ik zelf
niet hoefde te spelen. Dan zie je ook wel dat het niet gaat zoals het moet
gaan. Het hangt van heel veel dingen af. Niet alleen de spelers, maar ook alles
eromheen. Als je nieuw bent, is het ook niet lekker voor je vertrouwen als je
een paar keer verliest. Natuurlijk zijn er spelers die het beter doen dan een
ander, maar het is erg moeilijk om nu uit te blinken. Ik zie wel dat iedereen zijn
stinkende best doet. Het ging een tijd beter en nu weer wat minder, maar ik heb
er vertrouwen in dat de weg naar boven gevonden is.’
Ontwikkeling in België
Je speelt nu in de Jupiler Pro League, een
andere competitie. Heb je jezelf ook op een andere manier ontwikkeld?
‘Ja, de competitie is denk ik wel van
hetzelfde niveau. Je hebt hier een aantal topclubs, maar het is vooral wat
fysieker, opportunistischer en wat directer. De mindere ploegen kiezen er al
snel voor om niet op te bouwen, de lange bal te spelen en vanuit daar druk te
zetten. In Nederland probeert iedere ploeg te voetballen van achteruit, dat is
hier anders. Je leert weer andere dingen en dat is ook wel weer goed. De top
zes bestaat uit goede teams. Iedereen kan wel van elkaar winnen.’
Wat vind je van de play-offs in de
Belgische competitie?
‘Ja, dat is anders hè? Als je in de top
zes eindigt, speel je nog twee keer tegen de vijf andere beste teams. Dat zijn
mooie wedstrijden. Het is alleen maar goed dat je tegen die topteams speelt. En
je kunt ook nog kampioen worden nadat de punten gehalveerd zijn en het gat naar
de koploper minder groot is geworden.’
‘Van Bommel is tactisch
goed en in alles een toptrainer, maar hoe je als persoon bent, vind ik het
belangrijkste’
Bij Antwerp heb je te maken met Mark van
Bommel als trainer. Hoe is dat?
‘Dat is top, echt top! Mark en ik zijn
eigenlijk goede vrienden geworden hier. Hij kan je aanpakken, maar ook met je
lachen. Het is bij hem ook niet gespeeld. Je hebt bij sommige trainers het
gevoel van: je lacht nu wel met me, maar achter mijn rug om… Mark is
duidelijk, hij is puur, hij kan je aanpakken en met je lachen. Het is zelf nog
een voetballer, zeg maar. Het is ook zijn staf eromheen die heel belangrijk is.
Je hebt respect voor hem als persoon en als trainer. Ik zie hem ook als vriend.
Stel dat ik ergens mee zou zitten - dat is niet het geval hoor - dan zou ik
naar hem toe kunnen gaan. Ik vind het belangrijker hoe je als mens ben dan als
trainer.’
Van ‘t Schip schijnt ook van de
persoonlijke en menselijke benadering te zijn.
‘Ik vind het gewoon belangrijk hoe je bent als persoon. Van Bommel is tactisch
goed en ik vind dat hij in alles een toptrainer is. Maar hoe je als persoon
bent, vind ik belangrijker. Dat je niet liegt en er niet omheen draait. Daar
hebben wij als spelers ook veel meer aan. Zeg dan maar eerlijk hoe je erover
denkt. Dan kan ik het nog steeds niet met je eens zijn, maar ik denk dan wel:
hij heeft het gezegd. Ik heb ook weleens meegemaakt dat dingen tegen je gezegd
worden en dat dan even later het andere gebeurt. Of dat ook bij Ajax is
gebeurd? Haha, ja ook wel…Maar ik kan er niets over zeggen, dat is niet
netjes.’
Chaotische avond vanwege inschrijving voor Champions League
Jij vertrok natuurlijk pas op het laatste
moment naar Antwerp. Hoe kwam dat destijds tot stand?
‘In Nederland was de markt al gesloten.
Sosa kwam nog en toen wilde ik het liefst vertrekken. Gelukkig was de markt in
België nog langer open, maar ik had nog maar één dag om ingeschreven te worden
voor de Champions League. Ik was thuis, wist dat Antwerp interesse had en toen
belde Van Bommel mij rond een uurtje of acht. Hij vertelde mij dat hij mij
wilde hebben. Ik vond dat leuk om te horen, maar ik wilde het nog wel bespreken
met mijn ouders en mijn zaakwaarnemer.’
‘Ik belde mijn zaakwaarnemer - José Fortes
Rodriguez, die ik als een extra vader zie - en hij zei dat hij er al mee bezig
was en dat ik het moest doen. Alleen: het was al 21.00 uur en over drie uur zou
de inschrijving voor de Champions League sluiten. Ik kon snel naar iemand van
het managementteam toe. Met nog twee uur te gaan moest ik allemaal documenten
invullen. Ik dacht nog: straks gaat het niet door.’
‘Ik had alles ondertekend, alleen van Ajax
en Antwerp moesten er nog wat dingen ondertekend worden en daar hadden we toen
nog precies vijf minuten voor. Normaal duurt dat drie dagen. Precies om twaalf
uur belde Van Bommel: “Vriend, het is gelukt!”. Toen werden we allemaal wel
gek, haha. Daarna kwam een interlandperiode, dus toen kon ik het wel even
verwerken.’
Had je nog contact met Calvin Stengs
voordat je naar Antwerp ging? ‘Heel toevallig keken we samen naar het
duel van Antwerp met AEK Athene. Zonder dat ik wist dat ik daarheen zou gaan,
vertelde hij me al positieve dingen over de club. Toen het concreet werd, belde
ik hem op. Hij zei: je moet het echt doen, het is leuk en speelt Champions
League. Toen ik had getekend, had ik contact met Vincent Janssen en Jurgen
Ekkelenkamp. Ze belden mij op: het is leuk dat je komt. Ik werd direct
goed opgevangen en dat is mooi.’
Bart Veenstra (Twitter:
@Bart_Veenstra | e-mail:
[email protected])
Jon van Dam (Twitter:
@DamVanJon | e-mail:
[email protected])