Ajax presenteerde donderdagochtend het jaarverslag en
maakte het verlies van zo’n tien miljoen euro bekend. Het slechte resultaat was naar
verwachting, maar de details en onderliggende getallen zouden meer inzicht
geven in de huidige (financiële) situatie van de club. Door een paar meevallers
valt de klap nog mee. Het goede resultaat tegen Besiktas zorgde ook voor wat
afleiding, maar Ajax moet van ver komen om weer financiële slagkracht te
heroveren. De belangrijkste getallen hebben de revue gepasseerd. Het
uiteindelijke verlies van €9,8 miljoen is het grootste sinds 2009/10,
Covid-seizoen 2020/21 daargelaten. Het operationele resultaat zegt meer, want het
geeft de structurele kosten en baten weer. Het verlies daar van 39 miljoen euro is
nog nooit voorgekomen, zelfs niet in de seizoenen waarin Covid zo’n grote impact had. De
winst op transfers van 31 miljoen euro heeft die klap verzacht. Ook de stabiele,
commerciële inkomsten helpen het verlies te beperken. Samen met de 21 miljoen euro uit Europa, dekken deze inkomsten de maar matig gedaalde salariskosten.
De grootste tegenvallers
Ajax geeft zelf duidelijk aan wat de kern van het probleem
is: de kosten zijn veel te hoog voor de inkomsten. Daar wordt vooral gewezen
naar tegenvallende prestaties in Europa en minder transferwinst. Formeel zijn
die posten inderdaad lager dan het jaar ervoor, maar de praktijk is dat Ajax
vooraf al wist dat het Europa League ging spelen. Beter presteren daar had
hooguit enkele miljoenen opgeleverd, geen Champions League bedragen. En qua
transfers was 2022/23 met klappers als Antony en Martinez natuurlijk onmogelijk te evenaren.
Kosten die lager hadden moeten zijn, waren salariskosten en
uitgaven aan transfers. Nu daalde het salaris voor spelers wel met 8,7
miljoen euro, maar daar zit ook het wegvallen van tekengelden van o.a. Tadic, Timber
en Alvarez in verstopt. En zo’n 2 miljoen euro minder uitgekeerde bonus. De grote
hoeveelheid aan aankopen en selectiespelers zorgen ervoor dat de
(waarschijnlijk) lagere salarissen per speler uiteindelijk toch optellen tot
veel salariskosten.
Dat is ook terug te zien in de kostenkant van de transfers;
de afschrijvingen. Die stegen zelfs ten opzichte van vorig jaar met zo’n 1,5
miljoen euro. Een laatste meevaller zat erin dat salarissen en afschrijvingen vanaf
dit jaar boekhoudkundig anders verwerkt worden; tekengelden vallen niet meer
onder afschrijvingen, maar onder salaris.
In andere woorden, Ajax heeft te veel uitgegeven aan de
nieuwe aankopen, want het wist dat het in 2023/24 niet meer ging compenseren met inkomsten uit prestaties.
Een andere tegenvaller kwam uit de merchandise, die ruim 8
miljoen euro minder opleverde. Was de shirtverkoop op het niveau van 2022/23
geweest, had Ajax bijna winst gemaakt.
De gelukjes en meevallers
Er zijn een aantal kleine meevallers in de jaarcijfers te
vinden. Zo is er een belastingwijziging geweest waardoor er enkele miljoenen
meer transferresultaat is geschreven door correctie van afgelopen jaren rondom
betalingen aan zaakwaarnemers. Ook het tv-geld viel hoger uit door de
tekenbonus van de nieuwe, aankomende deal die al uitgekeerd is. Daarnaast heeft
Ajax amper prestatiebonussen hoeven uitkeren.
Ironisch is dat door de bestuurlijke chaos er onder de
streep minder salaris naar directieleden is gegaan dan het jaar ervoor. Toen
verdiende Edwin van der Sar nog een flink salaris, maar bij het grotendeels ontbreken
van een volledige directie, vielen de kosten voor hen bijna 8 ton lager uit.
Waar Kroes van geschrokken is
Tien miljoen verlies is op het eerste oog niet zo
schokkend. Bij het zogenoemde ‘rampjaar’ had men waarschijnlijk meer verwacht.
Door het verkopen van het zilverwaar en wat meevallers zijn de structurele
problemen voor afgelopen boekjaar verbloemd.
Het startpunt voor
Alex Kroes (en de rest van de nieuwe
directie) was opnieuw om 110 miljoen euro te vullen met Europese inkomsten en
transfers; 40 miljoen euro structureel tekort, 20 miljoen euro omdat de Europa League
kwalificatie nog niet zeker was, en 50 miljoen euro aan transferkosten
(afschrijvingen). Zelfs toen de Europa League en de bijhorende 20 miljoen euro zeker was, was dit een onmogelijke taak.
De Ajax-directie moet de club na (financieel) zware tijden weer in een rustig vaarwater krijgen.
Huidig boekjaar veel meer verlies
Nu is er misschien 15 miljoen euro gekort op zowel het salaris
als de afschrijvingen in de afgelopen zomer, maar uit de transfers is nog amper
(1,4 miljoen euro) winst gekomen. Kort gezegd betekent het dat Ajax op dit moment
nog altijd een gat heeft staan van 50 tot 60 miljoen euro voor het lopende jaar.
Ajax voorspelt zelf ook al een ‘negatief resultaat’, maar dat klinkt toch als
een understatement.
De echte klap van het ‘rampjaar’ moet dus nog komen. Als
het niet lukt om veel spelers deze winter te verkopen, dan staat er een
historisch verlies te wachten. Nu heeft Ajax misschien wat geluk dat in het
voetbal de beoordelingen veel meer op actueel sentiment gebaseerd zijn en een
jaarverslag dan vaak lang geleden of minder relevant voelt.
Waan van de dag belangrijker dan structurele problemen
Dat het jaarverslag gepresenteerd werd op de ochtend vóór
een Europese wedstrijd was geen toeval. De sportieve activiteiten leiden altijd
mooi af van de droge, zakelijke resultaten. Ook als ze slecht zijn. En als dit
seizoen er Europees leuk gespeeld wordt, de Farioli-Beuker-vreugde blijft,
talenten het goed doen en/of er weer meegedaan wordt in de top drie, dan leidt
dat volgend jaar ook af van de interne problemen.
Intern is de druk om de selectie te verkleinen en kosten te
drukken nog onverminderd aanwezig. En het is duidelijk dat het herstel een
meerjarenproces is, financieel in ieder geval.
José de la Verde (X:
j_berden)
Diepe Zakken seizoen 2024/25:
Diepe Zakken seizoen 2023/24