Ruud Krol ziet de gewonnen Europa Cup I-finale in 1972 tegen Inter om verschillende redenen als de mooiste ooit. Dat vertelt hij in gesprek met ESPN. Woensdagavond speelt Ajax opnieuw tegen Inter, maar dit zal niet snel zo legendarisch worden als de finale van 1972. Ajax speelde toen de Europa Cup I-finale tegen Inter in De Kuip en won die wedstrijd met 2-0. Dit was de wedstrijd waarin het Amsterdamse totaalvoetbal wereldberoemd werd. Europa Cup I-finale
'Elke cup is "de mooiste", maar voor mij was dit
daadwerkelijk de mooiste', begint de inmiddels 76-jarige Krol. 'Want ik heb het
jaar daarvoor tegen Panathinaikos de finale niet kunnen spelen wegens een
gebroken been. Het was prachtig en dan vooral omdat het in Rotterdam was.' Eén jaar eerder won Ajax ook de Europa Cup I-finale, toen op Wembley tegen Panathinaikos (2-0).
Ajax speelde die Europese finale in het stadion van aartsrivaal
Feyenoord. Dat lag in die tijd ook al gevoelig. 'De rivaliteit was toen
natuurlijk al heel groot, Amsterdam tegen Rotterdam. Eerder dat seizoen wonnen
we al met 5-1 van Feyenoord in De Kuip. Als je dan in het stadion van je
beroemde rivaal ook nog de Europa Cup kan winnen, dan geeft dat extra
motivatie', zegt Krol.
Tekst gaat verder onder de foto.
Ruud Krol won liefst drie keer de Europa Cup I met Ajax.
Ajax domineerde tijdens finale
Ajax was vanaf de eerste minuut beter in de finale tegen Inter. Het elftal van de Roemeense trainer Ștefan Kovács domineerde en gaf Inter geen moment ruimte om te voetballen. In de eerste helft was Ajax al twee keer dicht bij de openingstreffer, maar hij viel niet.
Krol had die 1-0 graag gemaakt, maar hij raakte de paal in de eerste helft. Dit schot kwam vanaf de rechtsbuitenpositie, terwijl hij als linksback stond opgesteld. 'Dat was tekenend voor ons voetbal. Zoals Johan Cruijff soms op de linksbackpositie of de liberopositie terechtkwam. Dat zat in ons voetbal en dat kwam zo uit.'
Sjaak Swart leek de score daarna te openen, maar de
arbitrage zag terecht dat Mister Ajax een handsbal maakte. In de tweede helft bleef Ajax domineren en speelde het Inter weg. Dit was het begin van het
totaalvoetbal van Ajax, dat speelde tegen het wat verouderde catenaccio van Inter. Een ontwikkeling
die in de jaren daarvoor in gang is gezet door trainer Rinus Michels.
Michels legt fundering voor totaalvoetbal
Michels wist dat het spel van Ajax moest veranderen om van Italiaanse teams te kunnen winnen. 'In 1969 verloor Ajax in de Europa Cup I-finale nog met 4-1
van AC Milan. Dat was voor Michels - die zijn tijd ver vooruit was - het
signaal om een manier te vinden om de Italianen te breken. In 1972 lukte dat,
in de finale nota bene, tegen een van de topclubs uit Italië. Dat was het
gevolg van het beleid van Michels, dat door Kovács werd doorgezet', legt Krol
uit.
'Kovács gaf ons net wat meer vrijheid dan Michels, al bleef
de discipline hetzelfde', vertelt Krol. 'Als de posities maar bezet waren. We
hadden zelfdiscipline, we wisten precies wat we moesten doen en waren
conditioneel ook ijzersterk. Ook verdedigend stonden we als een huis en dat
begon al hoog op het veld als we de bal verloren. Daardoor konden we spelen
zoals we wilden en dat zag je in die finale.'