"PSV
moet, Ajax mag", is het adagium, gezien de hedendaagse doelstellingen.
Alleen al denkend aan de aftrap tegen de getergde Eindhovenaren schiet menig
Ajacied in de vlekken. Want de Amsterdammers hebben de naam niet bepaald
soeverein te zijn, aan de Frederiklaan. Kriskras dalen we de keldertrap der
nostalgie af richting oer-edities, halverwege inzoomend op een ander
wederopstandingsseizoen. Om uiteindelijk uit te komen bij een wijsheid voor 30
maart, omdat voorbeschouwen zo weinig zin heeft: wat zijn moet, dat zal zo
zijn. 'Zestienhonderd Ajacieden
verlaten rustig het uitvak, verdwijnen het trappenhuis in en kuieren richting
de gereedstaande eerste trein. Weg hier. Weg uit het stadion waar we inmiddels
al elf seizoenen niet meer hebben gewonnen'.
Zo omschrijft Ajacied en voetbalschrijver Menno Pot in supportersroman Vak
127 dat drie punten meenemen uit Eindje geen sinecure is, ook niet
in 2004. Zeldzaam zijn ze, de lichtstedelijke herinneringen met een
wit-rood-witte glimlach, laat staan tweemaal competitiewinst in het hol van de
leeuw achter elkaar: in deze eeuw gebeurt het alleen in 2016 (0-2 na de 1-3 in
2015).
Het treffen in de
corona-nasleep, mét ingemixt gejuich, is de tot nu toe laatste driepunter in
het Philips Stadion. De schitterend uitgespeelde winner van Noussair
Mazraoui raakt ondergesneeuwd door de discussie met analisten, wis- en
natuurkundigen en wie weet ook forensisch onderzoekers die graag de inworp
zouden bewijzen. Roger Schmidts "Give zem ze cup
today!" wordt een klassieker.
Poulsen houdt huis, Boerrigter beleeft finest moment
Na een serie
mislukte expedities in het Brabantse, begin deze eeuw, met her en
der een gelijkspelletje tussendoor, is er onder Henk ten Cate verlossing in
2007. Opvallende taferelen tijdens de klinkende 1-5: de flipperkastsituatie na
een volley van Edgar Davids - doelman Heurelho Gomes ziet sterretjes als de bal
via de kruising snoeihard op zijn snoet belandt.
Het fraaie afstandsschot van
Wesley Sneijder. Het tergend langzame rollertje van Kenneth Pérez. Klaas-Jan
Huntelaar, wiens kapsel het midden houdt tussen dat van Rod Stewart en Polletje
Piekhaar, die twee keer scoort. En verder de beuken die John Heitinga, Urby
Emanuelson en Zdeněk Grygera uitdelen. Daarover gesproken, nog altijd wordt het
uitdeelmoment van 2013 graag aangehaald. '
Christian Poulsen is de naam, ook
goedemiddag'. Deze beslissende thriller eindigt in 2-3, het is Derk
Boerrigters
finest moment bij Ajax
De introductie
aan het adres van Ola Toivonen - enkele minuten later krijgt ook Mark van
Bommel met de Deense grinta te maken - geldt als scherptesignaal, een
21e-eeuwse variant op Louis van Gaals Weense uitvoering van Mr. Miyagi's
kraanvogeltechniek midden jaren 90, in een seizoen dat een uitzege hier veel
vanzelfsprekender is, want Ajax is druk bezig de wereld te veroveren.
Tekst gaat verder onder de foto.
'Nog altijd wordt het uitdeelmoment van 2013 (cruciale 2-3 winst) graag aangehaald. "Christian Poulsen is de naam, ook goedemiddag". De introductie aan het adres van Ola Toivonen geldt als scherptesignaal.'
Op de
radio gaat het van
Einz, Zwei, Polizei,
Don't Stop (Wiggle Wiggle)
en
What's the frequency, Kenneth? Diepe doelen, waarvoor een andere
Kenneth onlangs zijn waardering uitsprak na PEC Zwolle-uit, hebben ze bij
PSV
in 1994 allang. Het net daarvan bolt frequent op die 23e oktober, door toedoen
van Ronald de Boer, Edgar Davids, Clarence Seedorf en Peter van Vossen. Jan
Wouters pakt geel. Dat hindert niet, hij staat dan immers bij PSV onder
contract, net als Stanley Menzo en coach Aad de Mos. Het blijkt de favoriete
PSV-Ajax van Frank de Boer als
Ajax TV hem daar in 2011 naar vraagt.
Zijn twee opeenvolgende zeges in Eindhoven als trainer moeten dan nog
plaatsvinden. .
Overeenkomsten
met seizoen 1988-1989
Ver vóór het
VAR-tijdperk is er een andere langdurige driepuntendroogte, omdat de druk
winkelende gastheer zich in de jaren zeventig en tachtig in de top aandient. Het Ajax van
coach Tomislac Ivić, met Piet Schrijvers op doel en Dick Schoenaker in de
verdediging, wint de thriller in 1978 met 2-3. Ruud Geels maakt een onofficiële
hattrick.
Het is voorlopig de laatste, want uit de volgende tien edities pakken
de Mokumers maar twee punten uit gelijke spelen. Sprong in de tijd dus, naar
maart 1989. Milli Vanilli, Roachford en Fine Young Cannibals bestormen de
hitlijsten en in Wilrijk, België, wordt Toby Alderweireld geboren. Qua
voetbalomstandigheden vooraf vertoont de clash met PSV een aantal min of meer
noemenswaardige overeenkomsten met het heden. Het verschil is zes punten,
alleen andersom.
Flashback naar zege van Ajax in maart 1989
Maar ook nu
heeft het door vriend en vijand afgeschreven Ajax zich als kanshebber voor de
titel ontpopt onder een trainer met een buitenlands paspoort, Spitz Kohn. Ook
nu wordt de selectie van de opponent vele malen hoger ingeschat, maar is de
machine in wintertijd gaan haperen. Ook nu breken piepjonge talenten door (en
staat er zelfs een Mark Verkuijl onder contract in Amsterdam). Ook nu heeft
Ajax een spits die met de rug naar de goal speelt, en wiens enkels het daarbij
regelmatig moeten ontgelden. Ook nu heeft Ajax de thuiswedstrijd 'verrassend'
gewonnen.
Tekst gaat verder onder de foto.
Spitz Kohn als nieuwe trainer van Ajax met naast hem de toenmalige assistent-trainer Louis van Gaal. Foto: Rob C. Croes / Anefo, CC0, via Wikimedia Commons.
En ook nu weet
Ajax wat verdedigen is. Althans, zo geeft de niet spelende PSV-aanvaller Wim
Kieft aan, in de rust de microfoon onder de neus geduwd door Kees Jansma:
"Ajax vangt het heel goed op, verdedigend vooral, en ja, wij hebben toch
een beetje moeite met de beperkte ruimte die er is. Ik denk dat het toch vooral
de verdienste van Ajax is dat wij onze spitsen moeilijk kunnen bereiken, ja. En
dan wordt het lange ballen, en dat is altijd maar een gok, hè?", meldt
Kieft in zijn clubkostuum. Na zijn Serie-A-tijd weet de toekomstig analist als
geen ander hoe moeilijk goed georganiseerde elftallen te bespelen zijn.
Bergkamp, Roy en Petterson
Dat hij
halverwege de wedstrijd voor de camera verschijnt, is typerend voor het
tijdsbeeld. Zo ook de authentiek rechtsbenige rechtsbuiten
Dennis Bergkamp.
John van 't Schip is disciplinair geschorst omdat hij na de bekeruitschakeling
in Groningen onder de douche het clublied van de tegenstander aanhief.
Bergkamps linksbenige overbuurman heet
Bryan Roy.
Stefan Pettersson keert terug
van een schorsing na een rode kaart tegen Roda JC. De doorgaans zo rustige
Zweed kan zich na de zoveelste charge van bewaker Henk Fräser niet meer
inhouden, en zijn tikje wordt uitgelegd als natrappen. "Na de vele
schoppen en tikjes op mijn achillespezen sinds ik in Nederland speelde, was ik
het meer dan zat", laat
hij door Mike van Damme optekenen in zijn
autobiografie.
Tekst gaat verder onder de foto.
Stefan Petterson als speler van Ajax. Foto: Nationaal Archief, Den Haag, Rijksfotoarchief, Anefo, CC0, via Wikimedia Commons.
Verkuijl stopt Romário af
Ajax staat,
met muzikale gemoedelijkheid van een heuse blaaskapel, inderdaad prima te
verdedigen. Onder anderen Romário komt er door de ijzersterke voorstopper
Verkuijl niet aan te pas. Terwijl een collega die niet in lengte uitblinkt,
Aron Winter, twee bijna identieke kopdoelpunten uit indraaiende corners maakt.
Pettersson benut - "met een beetje geluk en lenigheid", zegt De
Kaatskoning zelf - de rebound na een poeier op de paal van Richard
Witschge, die dit seizoen vaak zijn schijntrap etaleert. Verkuijl verzilvert
een pingel.
De 1-4 is eclatant omdat Ajax tegenover het dure PSV, met drie
ex-Ajacieden in de basiself, zijn handelsmerk stelt: jeugdspelers afkomstig van
Voorland, dat als voormalige boerderij en vogelbroedplaats de term eigen kweek
vanaf 1934 in ere houdt. Fladderende vleugelspelers en andere paradijsvogels
heten Roy, Witschge, Bergkamp, Winter, Frank de Boer en Stanley Menzo. Die
laatste wordt door een botsing met Hans Gillhaus vervangen door Lloyd Doesburg,
enkele maanden later één van de slachtoffers van de SLM-ramp.
Het Gouden
Ajax
Verder
terugkijkend, in 1966, zien we
Johan Cruijff en
Sjaak Swart de eindstand op 0-2
bepalen. Het wedstrijdformulier is niet alleen smaakvol door Frits Soetekouw en
Wim Suurbier: Piet Keizer is de blauwdruk voor talloze latere sierlijke
linksbuitens.
De Nieuwe Limburger kan de Amsterdamse zege maar moeilijk
verkroppen en gebruikt woorden die anno nu bekend voorkomen: "PSV speelt
beter voetbal, maar Ajax wint". Achteraf een gedurfde tekst in de tijd dat
het Gouden Ajax wordt vormgegeven. Want hoewel PSV de kraker in 1967 nog over
de streep trekt, haalt het uit de volgende zes ontmoetingen in eigen huis nog
slechts één punt.
Tekst gaat verder onder de foto.
Johan Cruijff en Sjaak Swart, gezamenlijk als spelers van Ajax. Foto: Rob Mieremet / Anefo, CC0, via Wikimedia Commons.
Whatever will
be, will be
Uiteindelijk
komen we terecht bij de vroegste versies van PSV-Ajax. De Volkskrant-kop
"Ajax onstuitbaar na een felle start van PSV" doet lezers in 1958
vermoeden dat de 17.000 toeschouwers een spannendere pot hebben gezien. Toch is
deze uitzege de grootste tot op de dag van vandaag; Wim Bleijenberg en Piet van
der Kuil (beiden tweemaal) en Loek den Edel zorgen voor 0-5.
Ras-Ajacied Bobby
Haarms is van de partij, aanvaller Rinus Michels niet meer. Hij doet wel mee in
het seizoen ervoor, als Ajax de Eindhovenaren, tijdens het eerste professionele
Eredivisieseizoen zoals we dat nu kennen, met 2-3 verslaat. Op een koude,
bewolkte dag in december is naast diezelfde Bleijenberg Willy Schmidt tweemaal
trefzeker. De punten tellen mee voor het kampioenschap onder de Oostenrijkse
oefenmeester Karl Humenberger.
Je hóórt een
Polygoonjournaalstem de teksten van het Eindhovens Dagblad opdreunen:
"De PSV-voorhoede kwam tekort aan schotvaardigheid tegen Ajax. Bij de
PSV-aanvallen ontbrak het verrassingselement." Schotvaardigheid, waar
horen we dat nog. Andere tijden ja, want clubs dragen namen als Rapid JC, NOAD
en BVV.
Bokser Bep van Klaveren heeft voor het laatst in de ring gestaan. Fidel
Castro en Che Guevara ontketenen de Cubaanse Revolutie. En wat zijn de krakende
transistorradiohits van dat moment? Ajacieden gaan natuurlijk voor de evergreen
van Doris Day, of de bewerking van Manke Nelis daarvan. In aanloop naar zondag,
in dit maffe maar hoopvolle seizoen, wordt de gemoedstoestand rondom onze club
uit Amsterdam - we nemen niks voor lief - namelijk het best gevangen in dat
zwierige refrein van het bijna zeventig jaar oude
Que
Sera, Sera (Whatever Will Be, Will Be).Ajacied in Toscane ([email protected]) Meer van 'Ajacied in Toscane'