Willem Weijs is erg blij met de prestatie van zijn Ajax O19, dat zaterdag de KNVB Beker veroverde ten koste van de leeftijdsgenoten van PSV. De oefenmeester van het hoogste jeugdelftal vindt dat zijn ploeg niet het beste voetbal heeft gespeeld, maar is desondanks wel trots. ‘Het is een seizoen waarin veel is gebeurd, met veel jongens
die zijn doorgeschoven. Dat je het toch besluit met een prijs is mooi voor het
team', vertelt trainer Willem Weijs na afloop voor de camera van
Ajax TV. 'We hebben in aanloop naar de finale ook met veel jongens gespeeld die er
vandaag (zaterdag, red.) niet eens bij konden zijn, omdat we maar een x-aantal
mensen in de selectie mochten opnemen, dus ik ben ook heel trots op die
jongens.’
‘Dit is een topgevoel natuurlijk’, sluit aanvaller
Mylo van der Lans zich bij zijn coach aan. De middenvelder annex verdediger maakte recentelijk zijn rentree na lang blessureleed en verbaasde zichzelf dat hij het 110 minuten wist vol te houden. ‘Vermoeid, ik ging er ook met kramp af. Ik had het zelf niet helemaal verwacht dat ik het zo lang zou volhouden, dus daar ben ik blij mee.’
Tekst gaat verder onder de foto.
Mylo van der Lans speelde kort na zijn rentree 110 minuten mee tegen PSV.
Weijs zag zijn ploeg na rust veel kansen creëren, maar over de eerste helft is hij niet geheel tevreden. ‘Wel dominanter dan de tegenstander, maar we hebben niet helemaal
het Ajax-spel gezien dat ik idealiter zou willen zien. Misschien toch wat druk
van een finale, maar het heeft ook te maken met de tegenstander die ons goed
onder druk probeerde te zetten.’
Ondanks het veldoverwicht van Ajax, kwam PSV na rust op voorsprong. Een minuut erna was het echter alweer gelijk ‘Die reactie had niet beter gekund, denk ik. Binnen een
minuut stond het alweer gelijk na een hele mooie bal van Ji (Jinairo
Johnson, red.), die een hele strakke wreefpass gaf op Lasse (Abildgaard, red.), die alle zeilen
moest bijzetten om die bal te controleren en daarna ook nog eens fantastisch afrondde', analyseert een tevreden oefenmeester.
Vermoeidheid sloeg toe
Hierna werd er niet meer gescoord, zowel in het restant van de tweede helft als in de verlenging. Ook de kwaliteit aan de bal nam met de minuut af, zag Weijs. ‘Het is warm, die jongens hebben een lang seizoen gehad en
velen hebben ook veel gependeld tussen verschillende teams. Van verzorgd veldspel was er in de eindfase niet veel meer over en je weet dat iedere fout dan dodelijk kan zijn. Dan is het ook begrijpelijk dat spelers iets minder risico gaan nemen.’
Van der Lans merkte eveneens dat zijn ploeggenoten het steeds moeilijker kregen. 'Je zag het. Om de minuut ging er weer eentje zitten. Op een gegeven moment speelden we met Tijn (Peters, red.) achterin en met Emre (Ünüvar, red.) op tien. Op een gegeven moment zat iedereen wel aan zijn eind. Het is wel leuk om naar te kijken, een beetje knokken, maar het was vooral heen en weer schieten. Iedereen zat er doorheen.’
El Hani opnieuw held in strafschoppenreeks
Vanuit zijn doel zag El Hani ook de vermoeidheid bij het team. ‘Het is moeilijk voor de spelers, want het is een lang seizoen geweest en veel jongens hebben veel minuten gemaakt, maar ze hebben alles gegeven. Tot ze bijna niet meer konden lopen.’ De goalie onderscheidde zich vervolgens door in de strafschoppenserie een penalty te keren. ‘Vorig seizoen heb ik er op de Future Cup tegen PSG twee
gepakt en nu pak ik er één in de bekerfinale, dat is heel mooi. Vele keepers
hebben al gezegd dat het heel moeilijk is om zo’n gevoel te omschrijven, want
er gaan zo veel dingen door je heen.’
Tekst gaat verder onder de foto.
Aymean El Hani was vorig seizoen belangrijk tijdens de Future Cup met twee gestopte penalty's in de halve finale tegen Paris Saint- Germain.
Tot slot wordt onthuld wat er voorafgaand aan de strafschoppen werd gezegd bij Ajax. ‘Dat we met overtuiging de penalty’s moeten nemen en dat als
je de bal in de hoek schiet, er niet zoveel fout kan gaan', vertelt El Hani. 'Dat je die verantwoordelijkheid neemt is
al top', voegt Weijs toe. 'Je moet vooraf in je hoofd printen hoe je hem gaat nemen en daar
niet meer vanaf moet wijken. We wisten dat Aymean er minimaal één ging pakken.
Dat vertrouwen hadden we echt in hem.’