Heini Otto is al sinds het jaar 1994 een vast onderdeel van Ajax' personeel op Sportpark de Toekomst. De begeleider speelde nooit een minuut in het eerste elftal van de club, maar kan toch worden gezien als het meubilair van de club. Als jonge voetballer wist hij niet bij Ajax terecht te komen, waarna hij na zijn actieve carrière als voetballer alsnog naar de club trok. Inmiddels is hij 28 jaar in dienst. 'Ik heb vroeger meegedaan aan de talentendagen in De Meer', zo vertelt Otto in een documentaire op
ESPN. 'Ik
werd doorgeselecteerd en op een gegeven moment moesten we een wedstrijd spelen
tegen de B-junioren van Ajax. We werden helemaal dronken gespeeld en ik werd
niet aangenomen. Later in '75 kon ik wel naar Ajax. Sjaak Swart was toen mijn
eerst zaakwaarnemer. Ik kon een driejarig contract tekenen, maar ik ben FC
Amsterdam trouw gebleven.'
Nadat hij zijn voetbalschoenen aan de wilgen hing, kwam Ajax al snel weer op zijn pad. 'In ’92 stopte ik als voetballer. Ik werd trainer van de B1
in Den Haag en assistent-trainer bij het eerste. In ’94 werd ik door Ajax
gevraagd en toen heb ik het wel met beide handen aangepakt. Ik heb drie jaar de
B1 en B2 getraind en later mocht ik assistent-trainer bij het eerste worden.'
In 2002 ging het flink mis voor Otto. Na een aantal testen ontdekten de artsen in het VU een scheur in zijn aorta, waarna hij de volgende dag al onder het mest moest. Wat hij te horen kreeg, was heftig: 'Er zijn drie kansen: je hebt dertig procent
kans dat je erin blijft, dertig procent kans dat je invalide wordt en dertig procent
kans dat je er goed uitkomt. Ik zei: nou dokter, we gaan ervoor. Ik werd op
vaderdag wakker en toen kwam het trajact van herstel. Het ging goed, maar het
was een punt van omslag. De gezondheid blijft het allerbelangrijkst.'
Wandelingen met de vader van Abdelhak Nouri
Otto kwam er weer volledig bovenop, maar besloot zich niet meer bezig te houden met het trainerschap bij een eerste elftal. Wat hij sinds een jaar of twee geleden wel steevast doet, is wandelen met de vader van
Abdelhak Nouri. 'Het is een vast ritueel geworden. In de coronaperiode zijn
we bijna elke week gaan wandelen. Ik pikte hem op en dan gingen we wandelen. Het
was een feest', vertelt Otto. 'We gingen richting Geuzenveld, waar de familie woont. De laatste
tijd wisselen we het af. We gaan nu regelmatig richting de Jordaan, waar Appie’s
vader de slagerszaak heeft gehad.'