Walter Smak (rechts op de foto) bewaart goede herinneringen aan zijn tijd in de jeugdopleiding van Ajax. Hij vertelt tegenover De Telegraaf onder meer over Johan Cruijff, die zijn trainer was. De oud-speler van Ajax maakte zijn debuut onder Cruijff en is tegenwoordig adviseur over woningbouwprojecten. Smak is zaterdag ook aanwezig bij de documentaire over zijn oud-trainer.
Toen Cruijff hoofdtrainer was van Ajax, kwam hij weleens de kleedkamer binnen van het jeugdelftal van Smak. 'Toen hij er trainer was, speelde ik in de jeugd van Ajax. Daar kwam hij geregeld kijken. Als hij zag dat het niet goed was, stapte hij in de rust weleens de kleedkamer binnen. Dat was heel bijzonder.'
Cruijff vertelde alle jeugdteams wat hij verwachtte, vertelt Smak. 'Toen hij aan de slag ging, kreeg elke lichting een uitleg van zijn filosofie. Ajax speelde al 1-4-3-3. Bij hem ging het om de details. Een linksbuiten moest het nummer elf hebben. Daar hoorden bepaalde taken bij.'
Tekst gaat verder onder de foto.
Walter Smak maakte debuut onder Cruijff
Cruijff liet Smak debuteren voor Ajax; Smak is hem daar heel dankbaar voor. 'Dat kwam heel onverwacht. Ik moest meedoen in een oefenduel met Willem II. Mijn ouders waren naar een feestje. Ik legde een briefje neer dat ze vroeg op moesten staan. Ik was zeventien. Het was een heel bijzonder moment.'
Smak liep voor de wedstrijd nog een rondje met Cruijff. 'Willem II had nog een sintelbaan. Ik heb er een rondje gelopen met Cruijff. Die legde uit waarom hij me bij het eerste had gehaald, wat hij van me vond en wat hij van mij verwachtte. Het was een heel gewoon iemand. Ik dacht: in wat is hij nu anders dan mijn vader?'
Smak slaagde uiteindelijk niet bij Ajax
Uiteindelijk slaagde Smak niet bij Ajax. 'De club verhuurde me voor een jaar aan Telstar. Daar heb ik jaren gespeeld. Rob Witschge werd de linksbuiten van Ajax en later brak Bryan Roy door. Ik had geen snelheid als linksbuiten en was niet explosief genoeg.'
Smak had ook goed contact met de familie De Boer. 'In die tijd was er voor jeugdspelers weinig geregeld. Voor een training was ik met bus en trein twee uur onderweg en dan moest ik ook weer terug. Als A-junior kreeg ik met de De Boertjes te maken. Die waren als B-spelers al zo goed dat ze geregeld met ons meetrainden. Ik kon met ze meerijden tot Hoorn. Daar stond mijn vader onder een viaduct te wachten.'







































Plaats reactie