Paul Vugts begrijpt niet dat er nog steeds nul arrestaties hebben plaatsgevonden na het vuurwerkincident tijdens Ajax - FC Groningen, zo schrijft hij in Het Parool. Wel vonden er al collectieve straffen plaats, maar daar worden vraagtekens bij gezet.
'Nul arrestaties. De politie heeft maanden nadien nog nul arrestaties verricht voor het vuurwerkinferno waarmee een deel van de harde kern van Ajax-hooligans op zondag 30 november Ajax - FC Groningen doelbewust liet staken. Het was een eerbetoon aan hun overleden gabber ‘Tum 5th’ (Thijmen Ruben Pfann)', begint de misdaadverslaggever zijn betoog.
Na het incident moesten tienduizenden mensen huiswaarts. Tijdens Ajax - Sparta (4-0) moest Vugts weer denken aan het incident. 'Ik moest eraan denken toen ik zaterdag tijdens Ajax-Sparta de lege vakken zag op de zuidelijke korte zijde, waar normaal de F-side en consorten zitten. Dit was de collectieve straf voor dat vuurwerkinferno.'
Zelf weet Vugts hoe het is om collectief gestraft te worden omdat medesupporters vuurwerk afsteken. 'Al heel lang woedt het debat over de vraag of het redelijk is om steeds duizenden supporters te straffen omdat een groep waarmee zij weinig van doen hebben zich, in de visie van de KNVB en de autoriteiten, heeft misdragen.'
Tekst gaat verder onder de foto.
Paul Vugts spreekt zich uit: 'Dat vooral onschuldige supporters zijn gestraft, voelt slecht'
Hij gaat verder: 'Wat je als supporter en als maatschappij in elk geval zou verwachten, is dat diezelfde autoriteiten óók gericht optreden tegen de daders, als die bekend zijn', spreekt hij zijn verwachting uit.
De misdaadverslaggever geeft aan dat de politie al in de week na het gebeuren, ondanks de vermommingen, tien tot vijftien betrokkenen had geïdentificeerd aan de hand van de zeer vele camerabeelden.
Vugts sluit zijn verhaal af: 'Nou weet ik hoezeer de politie worstelt met capaciteitsgebrek, en het kan ook goed zijn dat het onderzoek nog loopt en ik te vroeg mopper. Maar dat tot nu toe vooral onschuldige supporters zijn gestraft, voelt slecht.'







































Plaats reactie