Kasper Dolberg voelt nog altijd de 'Ajaxmagie' en noemt de club anders
dan alle andere waar hij speelde. In een interview met Ajax Life blikt de Deen terug op
zijn eerste periode in Amsterdam en
geeft hij toe dat hij als jonge speler meer had moeten genieten. ‘Je weet pas wat je had, als je het niet meer hebt,’ zegt Dolberg. ‘Dat
gevoel had ik al sinds ik bij
Ajax vertrok. Dit is een geweldige club. Daar
zijn er meer van. Dat klopt. Maar Ajax voelt anders dan alle andere clubs.’
Volgens Dolberg is de club veranderd, maar niet in essentie. ‘Het is
geen geheim dat Ajax is veranderd. Dat wist ik voordat ik mijn keuze maakte om
terug te keren. Ik kende de club vooral nog uit de tijd van Edwin van der Sar,
Marc Overmars en Erik ten Hag. Alle spelers van toen zijn weg, maar veel is
hetzelfde. De dames in het spelershome, de mensen op kantoor.’
Tekst gaat verder onder de afbeelding.
Kasper Dolberg: 'Voor Ajax spelen op je achttiende is een droom'
Dolberg benadrukt dat
de identiteit van Ajax volgens hem overeind
blijft. 'Ik voel de Ajaxmagie nog steeds overal. De grootte van de club, dat
verandert nooit.' Daarbij wijst hij erop dat moeilijke fases bij Ajax niets
nieuws zijn. 'Toen ik hier in de jeugd kwam, zat de club ook in een moeilijke
periode. In mijn eerste jaar wonnen we niets.'
Volgens de Deen hoort druk bij Ajax. 'Er is altijd circus als Ajax geen
kampioen wordt. Het is niet iets waar ik van in de war raak. Ik weet dat we er
bovenop komen en weer kampioen worden. Het is haast onmogelijk dat níét te
worden.'
Hij noemt ook de trainers die hem hielpen; op jonge leeftijd werd hij begeleid door clubiconen. 'Dennis Bergkamp was
mijn coach, John Bosman de spitsentrainer. Waarom stelde ik ze niet alle
denkbare vragen van de wereld? Waarom luisterde ik niet beter? Geniet,
realiseer je waar je bent en wat je mogelijkheden zijn.'
Tot slot is Dolberg opvallend open over zijn jonge jaren in Amsterdam, waar hij als 17-jarige in de Ajax-opleiding terechtkwam. Hij had er destijds meer bij stil willen staan. 'Geniet meer! Dat geldt wel vaker in het leven. Je kijkt terug en denkt: waarom
genoot ik er niet meer van? Voor Ajax spelen op je achttiende is een droom. Ik
realiseerde me dat te weinig toen ik er stond.'