Ajax staat aan de vooravond van wat de
tiende landstitel sinds 2000 kan worden. Na het dramatische vorige seizoen,
waarin de Amsterdammers zelfs even de rode lantaarn droegen, is de
wederopstanding onder trainer Francesco Farioli ronduit spectaculair te noemen.
Voor de trouwe Ajax-volgers reden genoeg om terug te blikken op negen eerdere
kampioenschappen die de club deze eeuw al vierde. Koeman
doorbreekt de droogte (2001/2002)
De eerste titel van het millennium liet
even op zich wachten. Na drie seizoenen zonder kampioenschap bracht Ronald
Koeman de schaal terug naar Amsterdam. Het smaakte extra zoet omdat Ajax tot de
laatste speeldag moest wachten, waarin de beslissende treffer tegen Heerenveen
viel (3-1).
Opvallend was ook het debuutjaar van een
Zweedse aanvaller, die toen nog weinig deed vermoeden dat hij zou uitgroeien
tot een van de beste spitsen ter wereld.
De jonge honden
van 2004
Twee jaar later volgde de volgende prijs.
Met spelers vers uit de eigen opleiding toonde Ajax karakter. De ploeg had niet
de spectaculairste aanval (een jonge middenvelder werd clubtopscorer met
slechts negen doelpunten), maar was verdedigend ijzersterk met amper 26
tegentreffers.
De 2-1 overwinning op PSV in maart bleek
achteraf beslissend in de titelrace. De basis was gelegd voor wat een
talentvolle lichting zou blijken, al vertrokken veel spelers in de jaren daarna
naar grotere competities.
De honger van
Frank de Boer (2011-2014)
Wat volgde was een ongewoon lange
droogte. Zeven seizoenen bleef de schaal buiten bereik. Zelfs bij aanbieders
van sportweddenschappen en
online casino
had niemand meer ingezet op een Ajax-titel na zo'n lange periode zonder succes.
De quotering voor een kampioenschap was dan ook historisch hoog toen de
Amsterdammers plotseling op stoom kwamen nadat Frank de Boer in december 2010
het roer overnam bij Ajax.
De ontknoping tegen FC Twente (3-1) op de
allerlaatste speeldag werd de katalysator voor een ongekende reeks.
Daarmee begon voor Ajax een periode van
dominantie die vier opeenvolgende titels zou opleveren. De meest memorabele was
misschien wel die van 2012, toen Ajax een schier onmogelijke inhaalrace
voltooide vanaf de zesde plaats met veertien zeges op rij.
De jaren daarna was het voetbal niet
altijd om over naar huis te schrijven, maar De Boer had een systeem
geperfectioneerd dat resultaten garandeerde. Het laatste kampioenschap uit deze
reeks, in 2014, werd binnengehaald zonder echt te overtuigen -- zelfs een
gelijkspel tegen Heracles was voldoende.
De Ten
Hag-revolutie
Na opnieuw een periode zonder
landstitels, kwam Erik ten Hag. Zijn eerste volledige seizoen (2018/2019) zou
uitgroeien tot een van de meest iconische jaren uit de recente
clubgeschiedenis. Niet alleen werd de dubbel gepakt, met als finale triomf de
1-4 bij De Graafschap, maar vooral de Champions League-campagne met
overwinningen op Real Madrid en Juventus deed Amsterdam weer dromen, waarbij
talenten uit de jeugdopleiding zich in de kijker speelden van de Europese top.
De halve finale van Ajax tegen Tottenham, met
die hartverscheurende ontknoping in de allerlaatste seconde, blijft een open
wond voor menig Ajax-fan.
Stille titels,
luide prestaties
De coronapandemie drukte in 2021 een
stempel op het voetbal. Ajax werd kampioen in een leeg stadion na een
overtuigende zege op AZ (2-0). Ondanks de vreemde omstandigheden was de ploeg
oppermachtig en gaf het nationale concurrenten nauwelijks kans.
Ten Hags laatste kunstje volgde een jaar
later. De Amsterdammers walsten door de competitie heen. De 5-0 tegen
Heerenveen was een waardig kampioensmoment.
En nu:
Farioli's verrassingsaanval
Na een seizoen dat de boeken inging als
een van de slechtste uit de clubgeschiedenis, staat Ajax nu op het punt
geschiedenis te schrijven. De 0-2 zege bij titelconcurrent PSV in maart bleek
een kantelpunt. De Italiaanse trainer
Francesco Farioli heeft, ondanks kritiek op
zijn soms behoudende speelstijl, Ajax teruggebracht waar het volgens velen
hoort: aan de top van Nederland.
Als de huidige voorsprong wordt
vastgehouden in de resterende wedstrijden, betekent dat de tiende landstitel
deze eeuw voor de Amsterdammers -- een prestatie die weinigen na het vorige
seizoen voor mogelijk hielden. De supporters maken zich al op voor een
feestelijke ontknoping die dit opmerkelijke seizoen waardig zal afsluiten.